HOME      SITEMAP      MIJN S. SHADOW      ALLE MODELLEN      UW S. SHADOW      FOTO-GALERIJ      TECHNIEK      ZOEKEN      CONTACT

 

Het elektrische systeem:

 

Hoofdmenu elektriciteit
Elektriciteit algemeen

Elektrische schema's
Systemen en componenten
Werken aan elektriciteit

 

Systemen en componenten:

 

De ramen
De stoelen
De cruise control
De versnellingshendel (1)
De versnellingshendel (2)

De schakelstanden van het contact
Overzicht van de zekeringen
De accu, werking en verzorging
Relais, servo's, sensoren

 


Relais, servo's, sensoren



Deze pagina gaat in op elektrische componenten die een duidelijk afgebakende werking hebben, maar die niet als een accessoire op zich in de auto zijn ingebouwd. Achtereenvolgens komen aan de orde:
- Relais
- Servo-motoren
- Motoren (zoals voor het verplaatsen van het raam of de stoel)

Het relais
In een auto zitten vele relais die deel uitmaken van een electrische schakeling. Relais zijn nodig omdat de meeste dashboardschakelaars de grote stroom niet aankunnen om bijvoorbeeld de koplampen aan te doen. Een relais bestaat uit een spoel met daarin een kern. De kern is magnetisch als er spanning op de spoel komt te staan. Zo trekt de kern een plaatje naar beneden dat werkt als een schakelaar. De dashboardschakelaar zet spanning op de spoel van het relais. De spoel van het relais trekt niet zo veel stroom en kan makkelijk door de dashboardschakelaar worden bediend. De zwaarder uitgevoerde schakelcontacten van het relais kunnen de grote stromen wel aan. Denk maar eens aan de stroom die bijvoorbeeld door de achterruitverwarming loopt. Een andere vorm van een relais wordt gebruikt om de benzineklep te openen. Het relais van de centrale deurvergrendeling is in feite opgebouwd uit twee spoelen die tegen elkaar zijn gemonteerd. Zet je nu spanning op de ene kant, dan trekt men door het magnetisch effect een pen naar onder wat het deurslot doet sluiten. Andersom gaat de pen omhoog en het deurslot zal weer opengaan. Tegenwoordig worden hier servo-motoren (zie verderop op deze pagina) voor gebruikt.


De tekening hierboven toont een voorbeeld van een relais: het Lucas 11RA-type. Dit specifieke relais regelt bij diverse Silver Shadows (jaren 70) de stroom door de achterste knipperlichten als de verlichting aanstaat. Zo branden de knipperlichten niet zo fel als overdag. Het is makkelijk te herkennen aan zijn gele kleur en is bij deze auto's te vinden in de kofferbak. Onder zitten de verschillende aansluitcontacten op de grondplaat. Boven de grondplaat zitten links en rechts twee weerstanden om de stroom te beperken en daarboven zit de spoel om het relais te bekrachtigen. Het is in rubbers opgehangen om er voor te zorgen dat trillingen van de carrosserie geen invloed hebben op het relais.


Deze tekening (hierboven) geeft het inwendige weer van een relais met dubbele contacten. W1 en W2 zijn aangesloten op de spoel en het relais zal dan ook reageren als hier spanning op wordt gezet. C2 is het zogenaamde "P" of hoofdcontact en C1 en C4 de schakelcontacten. In dit voorbeeld schakelt het relais tegelijk C1 en C4 uit of aan.

Fast/Slow relais
Onder de auto zit het Fast/Slow relais voor het bedienen van de automatische niveau-regeling. Ga eerst na of het relais spanning krijgt! Zet de versnellingshendel in de Neutral-Positie en open (bij sommige modellen) de achterdeur met het contact aan. Haal de stekker los van het relais en sluit hier een testlampje op aan. Het lampje moet nu gaan branden. Indien dit niet het geval is, kijk alle zekeringen na en controleer de achterdeurschakelaar en kijk of de stekker eventueel vervuild is. Brandt de testlamp wel dan weet je dat er in ieder geval spanning is. Controleer het relais als volgt: monteer twee draden aan de beide aansluitpluggen van het relais en sluit deze aan op de plus- en min-pool van de accu. Het relais zou nu moeten reageren. Is dit nog steeds niet het geval meet hem dan met een multimeter door. Indien er geen stroom door de spoel loopt is het relais defect of kan hij mechanisch vastzitten. Vervang hem door een goed werkend exemplaar.

Servo-motoren
De toepassingen van servo-motoren zijn onbegrensd. Het meest bekend zijn de servo-motoren die worden gebruikt in de modelbouw. Deze zorgen er bijvoorbeeld voor dat men het stuur kan bedienen. De moderne motoren maken geen gebruik van schakelaars maar hebben een ingebouwde pot-meter die de stand van de motor "leest" en via de elektronica deze in de gewenste stand doet stoppen. De servo-motoren in de Shadow-modellen worden onder andere gebruikt om de verwarmingskleppen te bedienen. De motoren worden in het handboek ook wel actuators genoemd.
Servo-motoren verschillen van gewone elektrische motoren in die zin dat ze een mechaniekje in zich hebben dat één of meer schakelaars bedient. Zo kun je de motor laten lopen tot een bepaalde stand waardoor hij zichzelf uitschakelt. Op deze manier kun je bijvoorbeeld in ons geval de klep van de kachel in een aantal standen open of dicht draaien.


De kachelklep servo-motor
1 = Kachelklepbediening.
2 = Het hefboompje.
3 = De servo-motor.
4 = Verbindingsstangetje.
5 = De kachelklep.

Sensoren
De oliedruk- en temperatuurmeter en de lampjes van het remsysteem worden echter door zogenaamde "sensoren" geschakeld. Deze sensoren zijn in feite weerstanden die reageren op bijvoorbeeld warmte of druk. Eén van de beroemdste sensoren is de Lambda-sonde. Deze sensor wordt gebruikt bij modellen met een katalysator en meten de chemische samenstelling van de uitlaatgassen. In combinatie met een brandstofinjectie-systeem kan men op deze manier de motor perfect laten lopen door de hoeveelheid geïnjecteerde benzine aan te passen. In combinatie met de katalysator worden de uitlaatgassen tevens zo schoon mogelijk naar buiten gevoerd. Ook vinden we nog "pingel-sensoren" en sensoren om het "nadieselen" tegen te gaan van een zojuist afgezette motor. Deze sensoren zijn in principe niet te repareren en dienen dan ook altijd vervangen te worden, mochten ze niet meer werken. Om de bijbehorende meter of lamp van bijvoorbeeld de oliedruk op het dashboard te testen, kun je de draad van de sensor loskoppelen en tegen aarde (min) houden. De meter of lamp moet dan reageren. Is dit niet het geval dan is de kans groot dat niet de sensor kapot is maar de desbetreffende lamp of meter. Kijk in dit geval eerst na of er spanning op staat en vervang de eventueel bijbehorende zekering. Ook zit er op het dashboard van de Shadow en afgeleide modellen een testknop om alle lampen en meters te controleren.



 TOP OF PAGE ↑ 


© Marinus Rijkers.   Disclaimer